Blog: De pillendoos onder de loep

18 januari 2016

Dossier medicijngebruik

Sommige mensen beschikken over een uitgebreide huisapotheek. Voor elke aandoening is er in de loop der jaren een tabletje bij gekomen. Maar zijn al die medicijnen (nog) wel nodig en verstandig?

1.    Wanneer moet u uw medicijnen checken?
Het is verstandig om minimaal één keer per jaar met de huisarts uw medicijngebruik na te lopen. Met een uitdraai van de apotheek heeft u een goed overzicht van alles. U kunt trouwens ook bij de apotheek voor een pillencheck terecht (zie www.apotheek.nl). Bij de huisarts is dit gratis en bij de apotheek zijn er kosten aan verbonden, al vergoeden sommige zorgverzekeraars een zogeheten ‘medicijngesprek’ bij de apotheek. Gebruikt u meer dan vijf geneesmiddelen of heeft u er recent weer wat bijgekregen van een specialist? Dan is het sowieso raadzaam om naar uw eigen apotheek te laten kijken. Soms zijn er betere middelen, passen de medicijnen niet (meer) bij elkaar of mist er een geneesmiddel, bijvoorbeeld een maagbeschermer.

2.    Waar kijkt uw huisarts of apotheker naar?
De huisarts of apotheker beoordeelt niet alleen of de medicijnen nog geschikt zijn voor u en of ze wel bij elkaar passen, maar ook of u ze op de beste manier, het goede moment en de juiste hoeveelheid inneemt. En daarnaast dus of u er niet eentje mist.

3.    Welke medicijnen kunnen vervallen? 
Dat is moeilijk te zeggen, omdat het per persoon en situatie verschilt. In elk geval geldt: medicijnen waarvan de houdbaarheidsdatum is verstreken, kunt u beter terugbrengen naar de apotheek. Verder zijn slaapmiddelen medisch gezien zelden noodzakelijk, maar ermee stoppen is voor de meeste mensen erg moeilijk. Van belang is ook dat u in de loop der jaren soms andere medicijnen nodig heeft. Zo kunnen cholesterolverlagers vervallen als uw cholesterol weer in orde is. Wie een nieuwe heup of knie heeft gekregen, kan op een gegeven moment meestal de bloedverdunners weer afbouwen. Dat is ook veiliger, want bloedverdunners verhogen het risico op bloedingen. Hartpatiënten met een stent hebben eerst twee middelen tegen stolling van het bloed en kunnen later beter overgaan op één middel .

4.    Hoe ontstaat medicijnvergiftiging?
Soms kan een medicijnvergiftiging ontstaan door misverstanden of een gebrek aan informatie. Dit speelt bijvoorbeeld als iemand uit het ziekenhuis wordt ontslagen en de apotheker niet heeft doorgekregen dat er iets is gewijzigd. Of als geneesmiddelen bij een andere apotheek (buiten de regio) worden opgehaald. Daarnaast zijn patiënten zich er niet altijd van bewust dat medicijnen die zonder recept worden gekocht, ook problemen kunnen geven (zie het kader). 

4. Zijn er ook medicijnen die elkaar tegenwerken ?
Jazeker! Tegenwoordig weten we dat de meeste medicijnen in de lever omgezet worden via een bepaald systeem van enzymen (CYP). Het ene medicijn stimuleert dit systeem, het andere remt dit. Al kan de werking ook te maken hebben met erfelijke factoren, dus per persoon (of bevolkingsgroep) zijn er verschillen. 

5. Kunnen homeopathische en 'gewone' medicijnen door elkaar gebruikt worden?
Het meest bekend is de invloed van St Janskruid. Het kan ervoor zorgen dat sommige medicijnen niet zo goed werken. Dit komt doordat het CYP harder aan het werk gezet wordt, waardoor deze medicijnen sneller afgebroken worden . U kunt beter geen St Janskruid nemen in combinatie met onder andere antistollingsmiddelen van het cumarinetype, epilepsiemedicijnen en bepaalde maagzuurremmers.

6. Wat zijn biologische medicijnen en kunnen ze kwaad? 
Dit zijn medicijnen die niet louter chemisch gefabriceerd zijn, maar waarvoor cellen van planten of dieren gebruikt zijn. Epo is een van de bekendste. Dat was een tijdje vooral populair bij profwielrenners. Binnen de reumatologie, oncologie (kanker) en darmgeneeskunde worden echter tegenwoordig ook veel biologische medicijnen gebruikt. Ze zijn duur en zeer krachtig. Zijn ze schadelijk? In principe kunnen ze niet meer kwaad dan ‘gewone’ medicijnen. De invloed van deze medicijnen hangt echter af van de dosis, de aandoening, de omstandigheden en de persoon. 

 

Dit artikel verscheen eerder in Omring Magazine

Met dank aan: Cis Durian en Annemieke Horikx (KNMP)

Een aspirientje is ook een medicijn!

Uit onderzoek van de OuderenOmbudsman blijkt dat 30% van de 55-plussers regelmatig medicijnen slikt, terwijl dit niet bekend is bij de huisarts. Vaak gaat het dan om ibuprofen, aspirine en paracetamol. Samen met andere medicijnen kunnen ze soms leiden tot extra bijwerkingen, vermindering van de werking van andere medicijnen en zelfs een enkele keer tot medicijnvergiftiging.

 

Een 30-jarige krijgt gemiddeld maximaal 5 recepten per jaar, een 80-jarige maar liefst 30

Nederlandse huisartsen schrijven 33% minder recepten uit dan hun buitenlandse collega's

 

Sommige medicijnen verminderen de eetlust, waardoor met name 70-plussers ondervoed kunnen raken

 

Deze pagina delen op:

088 - 206 79 99