Blog: Alles over cholesterol

11 december 2015

De goede kant van cholesterol is veel minder bekend

Over cholesterol doen de wildste verhalen de ronde. Maar hoe zit het nu precies? Wanneer is het slecht en wanneer is het goed? En hoe kunt u zelf uw cholesterol aanpakken?

Wat is cholesterol?

Cholesterol bestaat uit vetachtige bolletjes. Het lichaam maakt ze voor 98% zelf aan, voornamelijk in de lever maar ook een beetje in de bijnieren, darmen en geslachtsorganen. Uit vettig voedsel wordt eveneens cholesterol gehaald.

Is het nou echt altijd verkeerd?

Nee! Sterker nog, het is noodzakelijk. Zonder cholesterol kan niemand goed functioneren. Het zorgt ervoor dat het lichaam gal, celwanden, bepaalde hormonen en vitamine D produceert. Een van de belangrijkste functies van cholesterol is bovendien afvalstoffen in het lichaam opruimen. Het is dus ook een soort vuilnisophaaldienst.

Hoe werkt dat?

Vet kun je niet oplossen in water. Zo is het ook met cholesterol. Om het toch te kunnen vervoeren worden de kleine bolletjes cholesterol omgeven door een laagje eiwit. Twee eiwit-cholesteroldeeltjes spelen hierbij de belangrijkste rol: LDL en HDL. Om het eenvoudig te zeggen: LDL vervoert het cholesterol door het lichaam via het bloed, HDL voert het teveel aan cholesterol af naar de lever.

Waar komt de slechte naam vandaan?

Als de cholesterolbolletjes met LDL worden vervoerd, dan hebben ze soms de neiging om zich aan de binnenkant van de slagaders te nestelen. Die kunnen daardoor op den duur steeds meer verstopt raken en hart- en vaatziekten veroorzaken. Daarom heet LDL vaak ‘slecht cholesterol’. Als dankzij HDL het cholesterol in de lever komt, wordt het daar afgebroken. Daarom wordt dit ‘goed cholesterol’ genoemd.

Hoeveel is ervan nodig?

Dat verschilt van persoon tot persoon. Normaal gesproken zorgt het lichaam er zelf voor dat u niet te veel of te weinig cholesterol heeft. Sommige mensen hebben trouwens van nature een hoog cholesterolgehalte. Dit kan zelfs erfelijk zijn. Meestal zijn dan medicijnen nodig om het cholesterol te laten dalen.

Wat valt er te doen aan een hoog cholesterol?

Verstandige voeding, een gezond gewicht en voldoende beweging kunnen een positieve invloed hebben. Pas bijvoorbeeld uw eetpatroon aan (zie de tips hiernaast). Verzadigde vetten zorgen ervoor dat het lichaam meer cholesterol aanmaakt. Deze vetten zitten in room, boter, volle melkproducten, volvette kaas, vet vlees, koekjes, gebak, snacks en chocola (behalve chocola van 70% cacao). Onverzadigd vet kan het cholesterolgehalte verlagen. Daarom zijn bijvoorbeeld alle olie (behalve palmolie), noten en bepaalde vissoorten een aanrader. Ook een goed gewicht is van belang. Een flink zwembandje rond de middel heeft als nadeel dat het LDL-gehalte (het ‘slechte cholesterol’) meestal stijgt en het HDL (‘goede cholesterol’) daalt. Afvallen kan dan soms helpen. Wie meer gaat bewegen, slaat twee vliegen in één klap: de kilo’s vliegen eraf en het ‘goede cholesterol’ neemt toe.

Hoe zit het ook alweer met eieren?

In eierdooiers zit vrij veel cholesterol. Net als in vlees, vleeswaren, lever en niertjes, volle zuivelproducten, garnalen, paling en schelvislever. Maar als u dit eet dan heeft het minder negatieve gevolgen dan men vroeger dacht. Verzadigd vet is een grotere boosdoener.

Kunt u het cholesterol zelf meten?

Er zijn wel thuistesten, maar ze zijn niet allemaal even goed. Het is dus verstandiger om naar de huisarts te gaan. Hoe hoog het cholesterolgehalte is en of het een probleem is, bepaalt de huisarts aan de hand van een bloedtest. Daarbij let de huisarts op diverse bloedwaarden.

Wanneer gaat u naar de huisarts?

Als een van uw familieleden van nature een te hoog cholesterolgehalte heeft, zou dit bij u ook het geval kunnen zijn. Dat geldt ook als een van hen voor zijn zestigste hart- of vaatproblemen heeft gehad. Verder is het van belang dat mensen met een hoge bloeddruk, diabetes, nierziekten, leverziekten en schildklierziekten regelmatig hun cholesterol laten meten. Rookt u, bent u veel te zwaar of houdt u erg van voedsel met verzadigde vetten, dan kan een meting aangeven in hoeverre uw cholesterol extra risico’s oplevert.

Tips van de diëtist

  • Vezels kunnen het cholesterol verminderen. Eet twee stuks fruit en 200 gram groente per dag. Denk ook eens aan bonen, bijvoorbeeld rijst met kidneybonen en wokgroenten, of een heerlijke ouderwetse bruine bonensoep
  • Sommige kaassoorten bevatten veel vet. Kies een magere variant of eet een kleinere portie. Idee: een snee brood met tomaat en geraspte pittige kaas. Iets meer tijd? Bak met een druppeltje olie wat champignons en doe er geraspte kaas over.
  • Onverzadigde vetten zijn wel goed! Dus zet twee keer per week vis op het menu waarvan één keer zalm of makreel. Maak de sla aan met zonnebloemolie of maïs-, soja- of olijfolie.

1 op de 8 volwassenen heeft een te hoog cholesterolgehalte.

Onder de 50 hebben mannen meestal een hoger cholesterolgehalte en boven de 50 de vrouwen. Tenminste, als ze dezelfde gezonde levensstijl hebben.

Test uw gezondheid

Doe een health check

Meer weten

80% van de galstenen ontstaat in westerse landen door cholesterol. Bij de plattelandsbevolking van derdewereldlanden ligt dit veel lager. Dit komt doordat wij veel meer verzadigde vetten eten.

Deze pagina delen op:

088 - 206 79 99